Deel dit artikel:

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on email

300.000 km in tien jaar tijd

Luc Palmkoeck rondde vorige week de kaap van 300.000 kilometers in tien jaar tijd. De 54-jarige wielertoerist uit Sint-Gillis-Waas werd voor die gelegenheid in de bloemetjes gezet door zijn fietsvrienden.

Palmkoeck begon zijn carrière als wielertoerist halverwege de jaren tachtig. Pas de laatste tien jaar hield hij exact bij hoeveel kilometers hij op zijn tweewieler aflegde.

“Dit jaar heb ik al 40.200 km op de teller, maar dat is nog geen record. In 2009 trapte ik 45.210 km bijeen. Als je alles van de laatste tien jaar samentelt, zit in aan 300.000 km of gemiddeld 123 per dag. Als je weet dat een gemiddelde wielertoerist zo’n 8.000 km per jaar aflegt, kun je bij mij eigenlijk wel spreken van extreme cijfers. Voor zover ik kan nagaan, doen er maar twee Belgen nog beter”, zegt Palmkoeck in Het Nieuwsblad.

De Waaslander doet niets liever dan er ’s ochtends met zijn koers- of trekkingfiets op uittrekken voor een lange dagtocht van tussen de 200 en 400 km. “Mijn bestemmingen zijn dan de Vlaamse en Zeeuws-Vlaamse kust, maar ook de Wase en Zeelandse polders zijn mijn biotoop. 95 procent van mijn tochten fiets ik alleen, aan een stevig tempo van tussen de 28 en 30 km/u. Maar als ik in groep fiets, ben ik solidair met de rest.”

Lucs vrouw Marianne Van De Vyvere heeft ondertussen ook de microbe te pakken. “Zij fietst jaarlijks zo’n tien- tot twaalfduizend km. Samen rijden we heel graag in Frankrijk en stemmen onze vakanties daarop af. Lange of korte weekends gaan fietsen, zalig!”

Dit jaar realiseerde Palmkoeck zijn ultieme droom door de klassieker Parijs-Brest-Parijs uit te rijden, goed voor een afstand van 1.230 km in 72 uur. “Hoewel ik de voorbije jaren alle denkbare wielerklassiekers als Milaan-Sanremo, de Ronde Van Vlaanderen en Luik-Bastenaken-Luik reed en ook het prestigieuze klimbrevet La Marmotte in de Alpen behaalde, beschouw ik dat als het hoogtepunt van mijn carrière. Dit jaar werd ik na het behalen van de brevetten 200, 300, 400 en 600 km ook voor het eerst Super-Randonneur. Dat hoop ik volgend jaar nog eens te herhalen.”

En hoe ziet Luc de toekomst? “Hout vasthouden, maar ik bleef de voorbije tien jaar gelukkig gespaard van zware blessures of ongevallen. Enkel vorig jaar moest in na een meniscusoperatie een paar weken aan de kant. Dat was op de tanden bijten want telkens ik in de garage kwam, stond mijn fiets daar te lonken.”