Deel dit artikel:

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on email

Klimmer, kermiscoureur en recreant vergeleken bij Energy Lab

Een nevenbondcoureur, Granfondorenner en wielertoerist met weinig tijd zaten eens samen op de testbank. Het zou het begin kunnen zijn van een slechte mop, maar wij lieten deze drie fietsers een inspanningstest afleggen bij Energy Lab en vergeleken hen op verschillende aspecten.

Om te beginnen moeten we wel onmiddellijk opbiechten dat we niet de eersten de besten namen. Onze renner die bij de nevenbonden koerst, is de 23-jarige Nick De Weerdt. De man uit Booischot reeg het afgelopen seizoen de overwinningen aan elkaar, waardoor zijn zegeteller zestien overwinningen aangeeft. Naast hem zetten we Granfondoman Bob Adriansens. In een van de bekendste Italiaanse cyclosportieves, La Fausto Coppi, mocht hij zich de winnaar noemen. Ten slotte vonden we in Steven Kins, redactiecoördinator van cycling.be, de geknipte wielertoerist die af en toe mooie trainingstochtjes maakt. Dit sportieve trio zetten we – na een scan van hun lichaamssamenstelling – naast elkaar op testfietsen in Energy Lab om zich compleet leeg te rijden ten voordele van onze vergelijking.

DE INSPANNINGSTEST

De inspanningstest gebeurde telkens met de eigen fiets met een Cyclus 2-meetsysteem. Het protocol verliep bij Nick met een startwaarde van 100W met elke vijf minuten 40W extra. Bob en Steven begonnen met een weerstand van 60W en kregen erna eveneens om de vijf minuten 40W erbij. Alle drie reden ze hun test uit tot ze hun maximale uitputting bereikten. Zo kunnen we de gegevens perfect met elkaar vergelijken op verschillende vlakken. Nick haalde een gecorrigeerd maximaal vermogen van 428W, terwijl Bob 361W neerzette en Steven aftikte op 293W.

VERMOGEN – HARTSLAGCURVE

Hier zie je ten eerste de aerobe drempel. Deze geeft een indicatie van je basisuithouding, want je gaat er maximaal vetten in verbranden. Net onder deze hartslagwaarde moet je je duurtrainingen afwerken om je lichaam aan te leren zo lang mogelijk vetten te gebruiken als brandstof. Hier (zie eerste afbeelding van de fotospecial) kunnen we al duidelijk zien dat deze drempel een pak lager ligt bij de wielertoerist. De Granfondorenner en nevenbondcoureur scoren een pak beter met nog een duidelijk onderling verschil. Boven deze drempel gaat het lichaam koolhydraten of suikers aanspreken om te presteren. Ga je boven de anaerobe drempel – letterlijk in het rood – dan schakelt je lichaam over op pure koolhydraten door een zuurstoftekort. Aan deze hartslag kun je zestig tot negentig minuten fietsen. Hier scoort de getalenteerde nevenbondrenner duidelijk het beste.

Lees het volledige artikel in het novembernummer van cycling.be magazine, nu in de winkel, of lees het HIER online via Blendle!