Deel dit artikel:

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on email

Koersplek: Bos van Wallers

In deze rubriek bezoeken we telkens een koersplek van betekenis. Ditmaal is het de beurt aan het Bos van Wallers, traditioneel de poort naar de finale van Parijs-Roubaix. De koers werd nog nooit gewonnen op deze beruchte kasseistrook, maar wel al heel vaak verloren …

Introductie door Jean Stablinksi

In 1967 telde Parijs-Roubaix slechts 22 kilometer kasseien (tegenover circa 55 kilometer vandaag). De wedstrijd dreigde zijn flair te verliezen en werd steeds minder monumentaal. Om de ‘Hel van het Noorden’ weer groots te maken, gaf wedstrijddirecteur Jacques Goddet zijn parcoursbouwer Albert Bouvet volgende opdracht: “Albert, trouvez-moi des pavés.” In zijn zoektocht naar kasseien ging Bouvet zijn licht opsteken bij voormalig wereldkampioen Jean Stablinski. Die gaf Bouvet waar hij om vroeg: “Ik weet wat je nodig hebt, kom kijken!” Stablinski toonde hem de kaarsrechte kasseiweg dwars door het bos van Wallers, die hij nog kende van voor zijn rennerscarrière, toen hij in de steenkoolmijnen van Wallers-Arenberg werkte. De rest is geschiedenis. De Trouée d’Arenberg kreeg in 1968 een plaats in het parcours en fungeert sinds jaar en dag als kantelpunt in de koers.

De cijfers

Het Bos van Wallers is maar liefst 2,4 kilometer lang en dook dit jaar voor de 45ste keer op in Parijs-Roubaix, als twaalfde van dertig ‘secteurs pavés’ op 93,3 kilometer van de finish. La Drève des Boules d’Hérin, zoals deze vijfsterrenstrook officieel heet, loopt in traditionele richting eerst wat naar beneden, al bedraagt de totale hellingsgraad slechts -0,7% volgens het segment op Strava. Vandaar dat de snelheid vaak erg hoog ligt wanneer het peloton de geopende slagboom passeert en de eerste honderden meters kasseien verorbert, met pieken tot 60 km/u en meer. De ‘KOM’ in het Bos van Wallers is van ene Alex Paton, die er gemiddeld 47,7 km/u haalde. Bij de dames is Elise Chabbey, profrenster bij Canyon//SRAM, de snelste met een gemiddelde van 35,3 km/u. 

Merckx in 1973

De Parijs-Roubaix van 1973 ging de boeken in als een van de zwaarste edities ooit. Dankzij de erbarmelijke weersomstandigheden deed de wedstrijd zijn bijnaam als ‘Helleklassieker’ alle eer aan. Eddy Merckx maakte op zondag 15 april 1973 van voorzichtigheid het codewoord bij zijn passage door Wallers en bleef er, in tegenstelling tot vele anderen, gespaard van ongelukken. Nadien schudde de ‘Kannibaal’ een solo van 44 kilometer uit zijn benen in een koers die meer kaderbreuken dan finishers telt. Tussen winnaar Merckx en de 35ste en laatste renner op de piste in Roubaix zat een tijdsverschil van ruim 36 minuten.

Lees het volledige artikel in de nieuwe editie van Cycling, nu verkrijgbaar in de winkel, HIER online te bestellen of HIER online te lezen via Blendle. Abonneer je HIER en geniet van onze aantrekkelijke abonnementsformules!