Deel dit artikel:

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on email

Kopvrouw: Lotte Kopecky

2020 staat voor velen bekend als het coronajaar, maar voor Lotte Kopecky was het zonder twijfel het seizoen van de definitieve doorbraak. Bij haar nieuwe team Liv Racing hoopt ze die positieve lijn te kunnen doortrekken. "De Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix staan hoog op mijn verlanglijstje, maar een olympische medaille zou het summum zijn."

Wielerjaar 2020 was voor de dames bijzonder kort. Meer dan bij de heren werden tal van elitekoersen afgelast. Lotte Kopecky nam deel aan negentien wedstrijden, waarin ze dertien toptienplekken, acht topvijfplaatsen en drie overwinningen vergaarde. Twee nationale titels, een prestigieuze ritzege in de Giro Rosa en een rist ereplaatsen in onder meer de Ronde van Vlaanderen en Gent-Wevelgem: de balans oogt mooi.

Het ging jou voor de wind in 2020. Heb je daar een verklaring voor?
Kopecky: “Het lijkt me een combinatie van verschillende factoren. Ik ben nu 25. Als je naar de top van het vrouwenwielrennen kijkt, zie je dat de meeste dames late twintigers of dertigers zijn. Leeftijd speelt dus zeker een rol. Je hebt wat tijd nodig om te kunnen meestrijden met de toppers. Verder kan ik terugvallen op meer ervaring, wat absoluut helpt tijdens een wedstrijd. En het is misschien raar om te zeggen, maar de ‘lockdown’ heeft me deugd gedaan.”

Hoe bedoel je?
“Plots had ik zeeën van tijd. Ik moest niet meer van de ene naar de andere wedstrijd hollen. Als je de piste combineert met de weg, is het echt wel druk en gaat de riem er nooit lang af. Vanaf midden maart was mijn agenda plots leeg. Het was een verademing. Ik heb in die periode zeker niet te veel getraind of gek gedaan. Ik trainde een tijdlang gewoon ‘op het gevoel’ en uiteindelijk zelfs veel minder in vergelijking met andere jaren. Maar ik trainde wel kwalitatiever. Het is moeilijk te omschrijven. Ik kende een ongelooflijk sterk najaar en behaalde mijn beste resultaten ooit, hoewel ik dus minder trainingsarbeid verricht had. Ik schrok daar zelfs een beetje van. Het was een openbaring: ik hoef niet altijd te overdrijven op training om nadien goede resultaten te kunnen neerzetten. Dat neem ik zeker mee naar de toekomst.”

Lees het volledige artikel in de eerste editie van de nieuwe Cycling, nu verkrijgbaar in de winkel. Abonneer je HIER en geniet van onze aantrekkelijke abonnementsformules!