Deel dit artikel:

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on email

Philippe Gilbert: “Slechte dag voor het wielrennen”

In een videoboodschap heeft Philippe Gilbert, die ploeggenoot Caleb Ewan zag uitvallen net voor de finish, enkele rake analyses gemaakt over de derde Tourrit. Die werd overschaduwd door enkele zware valpartijen. “Jammer dat ploegen die verkend hebben, niets hebben gezegd aan ASO”, is er eentje van.

Caleb Ewan van Lotto Soudal brak zijn sleutelbeen toen hij het wiel van Tim Merlier aantikte in de bochtige aankomststrook van de derde etappe van de Ronde van Frankrijk met aankomst in Pontivy. De hele rit verliep echter tumultueus. In het begin was er al een crash met Geraint Thomas, die zijn ontwrichte schouder moest laten terugplaatsen maar terug in het peloton raakte en naderhand geen breuken had, en Robert Gesink, die met een sleutelbeenbreuk en een hersenschudding werd afgevoerd naar het ziekenhuis. De finale begon met Roglic die in contact kwam met Colbrelli en hard tegen de grond ging. Hij verloor tijd (en aanzienlijke stukken huid) maar strijdt voort. Op een smalle weg, tussen muren, was de voorbereiding voor de sprint in volle gang en was een onoverzichtelijke, tamelijk scherpe bocht er te veel aan. Jack Haig was het grootste slachtoffer. Geraakt aan het hoofd en met een gebroken sleutelbeen zit de Tour van de kopman van Bahrain Victorious er al op.

Philippe Gilbert legt in zijn videoboodschap uit dat er de dag voordien gesprekken waren met de CPA-afgevaardigden van elke ploeg en de ASO. Die waren volgens Gilbert met ASO overeengekomen om de tijd op te nemen op vijf kilometer van de aankomst. Dat zou ervoor moeten hebben gezorgd dat de ploegen van de klassementsmannen uit het gewoel konden blijven, zodat enkel de sprintersploegen het met mekaar moesten uitvechten. De UCI-commissarissen zouden daar echter een stokje hebben voorgestoken.

Gilbert vindt het vooral jammer dat er niet eerder ploegen naar de organisatie zijn gestapt: “Wat me erg heeft verbaasd is dat heel wat ploegen deze rit hebben verkend en die informatie niet tot bij de ASO hebben laten komen. De ASO is daar voor ons eigen goed en ze willen de best mogelijke parcoursen maken. Als die ploegen het gevaar van deze finale zouden hebben aangekaart, zouden ze daarmee rekening hebben gehouden en zouden ze hun finale hebben aangepast. Ik vind het dus erg jammer dat bepaalde ploegen hebben verkend maar niets hebben gezegd.”

Dat standpunt legt inderdaad een belangrijk pijnpunt bloot. Gilbert vermeldt in het begin van zijn boodschap al dat de CPA pas de dag voordien de situatie heeft aangekaart. Dan is het moeilijk om nog snel een goede oplossing te vinden. De verdeeldheid onder de ploegen, de ‘rennersvakbond’ CPA, de UCI en de organisatoren wordt hierdoor opnieuw pijnlijk duidelijk.

Gilbert legt de fout trouwens niet volledig bij het parcours, met de bochtige finale, maar ook bij de renners en de typische stress van de eerste Tourweek: “De eerste valpartijen waren eerder stuurfouten. De nervositeit was te groot. Dat Roglic het wiel aantikt van Colbrelli heeft niets te maken met het parcours. De volgende was onder meer met Cavendish. De crash in een bocht op vier kilometer van de meet was wel door het parcours. Het was in een stevige afdaling, tussen twee muren. Ik kan me inbeelden dat renners hier risico’s nemen, want de positie die je daar hebt, is degene die je ongeveer tot aan de finish hebt, aangezien je niet kan opschuiven.”

Bekijk Gilberts grondige analyse van rit 3 hier: