Deel dit artikel:

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on email

Slipstream: de Polderblues

In de rubriek ‘Slipstream’ pikt onze redacteur aan bij een groepje wielerprofs. Terwijl hij zich in hun wiel nestelt, luistert hij naar hun verhalen. Over de koers en over het leven. Want ook al zijn ze voor de supporters vaak halfgoden, naast wielrenner zijn ze bovenal ook mens. Voor deze eerste aflevering lieten we ons op sleeptouw nemen door de jonge wolven van de Polderblues.

Onze plaats van afspraak op de maandag voor Parijs-Roubaix is de ouderlijke woonst van Brent Van Moer. De 24-jarige Beverse ontsnappingskoning woont het meest centraal en is bijgevolg het merendeel van de tijd de gastheer van het bonte trainingsgezelschap. De twee Weimaraners des huizes kijken dan ook niet raar op wanneer eerst Cedric Beullens arriveert met de wagen, kort daarna gevolgd door Florian Vermeersch met de fiets. Alex De Pestel en Sander Colman zijn belet. Viktor Verschaeve, die nochtans op minder dan 10 kilometer afstand woont, blijkt per fiets onderweg te zijn vanuit Leuven nadat hij daar een bezoek heeft gebracht aan zijn vriendin.

En zo wordt het geplande tochtje richting Hulst in laatste instantie overboord gegooid ten voordele van een zoektocht naar Verschaeve. De trein van Lotto Soudal – de afwezige De Pestel en Colman rijden beiden voor Sport Vlaanderen-Baloise – zet koers richting de Temsebrug over de Schelde. Diezelfde Schelde vormt een fysieke barrière tussen Cedric Beullens en de rest van de bende. “Ik kom van ‘over ’t water’ en heb mezelf eerst moeten bewijzen als stagiair bij de Polderblues”, lacht hij. De naam van het trainingsgroepje is ontstaan in 2018 en is afkomstig van de broer van Brent Van Moer, die als springruiter actief is in de Polderblues-stallen waar Brent en zijn fietsvrienden in het ‘off-season’ ook regelmatig te vinden waren. Intussen hebben de leden van het fietsgroepje zelfs hun eigen gepersonaliseerde Polderblues-fietsbril.

“Het is net de sterkte van de Polderblues dat we ook buiten de trainingen met elkaar afspreken om samen en met onze partners erbij leuke dingen te doen”, zegt Brent Van Moer. “Wie geen wielrenner is, begrijpt ons vaak niet. Mensen beseffen bijvoorbeeld niet hoe klein het tijdsvenster is waarbinnen we met iets anders dan de koers bezig kunnen zijn, of welke opofferingen we maken. En daarin vinden we elkaar.”

Lees het volledige artikel in de nieuwe editie van Cycling, nu verkrijgbaar in de winkel, HIER online te bestellen of HIER online te lezen via Blendle. Abonneer je HIER en geniet van onze aantrekkelijke abonnementsformules!